6. Maatregelen tegen klimaatvervandering
6.1 Wat is klimaatbeleid?
Regeringen van verschillende landen hebben besloten om een zogenaamd ‘klimaatbeleid’ te maken. Met het klimaatbeleid proberen landen alleen en met elkaar de klimaatverandering tegen te gaan.
6.1.1 Het klimaatverdrag
In 1992 werd in Rio de Janeiro één van de eerste grote klimaatafspraken gemaakt, meestal ‘het klimaatverdrag’ genoemd. In dit verdrag staat dat de concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer gestabiliseerd moet worden tot een niveau waarop de menselijke invloeden geen groot gevaar meer vormen voor het klimaat. Omdat na een paar jaar duidelijk werd dat de hoeveelheid broeikasgassen niet genoeg stabiliseerde is het Kyoto protocol opgesteld.
6.1.2 Het Kyoto protocol
Het Kyoto protocol is al in 1997 gesloten, maar het heeft tot 2005 geduurd voor het in werking kon treden. Om het verdrag in werking te laten treden moesten namelijk minimaal 55 landen die in 1990 samen 55% van de totale CO2 uitstoot veroorzaakten het verdrag ondertekenen. Deze voorwaarde werd niet gehaald omdat Amerika niet wilde deelnemen. Uiteindelijk besloot Rusland om het verdrag van Kyoto te ondertekenen en kon het in werking treden.
De landen die het verdrag van Kyoto ondersteunen, hebben beloofd om hun uitstoot van broeikasgassen in de periode van 2008-2012 sterk terug te dringen. Om het een beetje makkelijker te maken hebben landen 3 mogelijkheden om hun reductieverplichting in het buitenland uit te voeren. Dit kan door middel van het “clean development mechansim”, “joint-implementation” en “emissiehandel”.
6.1.3 Emissiehandel
Emissierechten geven bedrijven of landen het recht een bepaalde hoeveelheid broeikasgassen uit te stoten. Omdat de landen die het Kyoto protocol hebben ondertekend de emissie van broeikasgassen sterk moeten terugdringen, hebben regeringen regels opgesteld voor de hoeveelheid koolstofdioxide en stikstofdioxide die een bedrijf in hun land mag uitstoten. Bedrijven kunnen het recht om koolstofdioxide en stikstofoxide uit te stoten kopen en verkopen aan andere bedrijven. Dit proces wordt emissiehandel genoemd.
6.2 Wat doet de Europese Unie?
Om het klimaat probleem te kunnen bestrijden is samenwerking tussen landen nodig. Het Kyoto protocol is daarvan een voorbeeld. Dit protocol eindigt echter in 2012, maar ook daarna is het belangrijk dat landen samenwerken om het klimaat te beschermen. Daarom is de Europese Unie al gestart met het maken van een gezamenlijk beleid en gezamenlijke maatregelen die de klimaatverandering moeten tegengaan.
Het uitgangspunt voor het klimaat- en energiebeleid van de Europese Unie is dat de aarde niet meer dan 2 graden Celsius warmer mag worden. Om dit te bereiken, moet de uitstoot van broeikasgassen in industrielanden in 2020 gedaald zijn tot 30% onder het niveau van 1990! Dit is erg veel en de EU heeft daarom besloten voorlopig te streven naar een reductie van 20%. Verder probeert de EU het gebruik van biobrandstoffen, duurzame energie en groene energiebronnen, zoals wind en water, te stimuleren.
6.3 Wat doet Nederland?
In Nederland wordt de laatste tijd veel aandacht besteed aan het klimaat. Omdat Nederland het Kyoto protocol heeft ondertekend, moet in ons land de uitstoot van broeikasgassen in de periode van 2008-2012 met 6% worden verminderd ten opzichte van 1990. Om dit doel te bereiken heeft de overheid de uitstoters van gassen in verschillende groepen verdeeld. Per groep is vervolgens vastgesteld hoeveel broeikasgas er uitgestoten mag worden.
Het kabinet wil dat Nederland één van de schoonste en zuinigste landen van Europa wordt. Dit gaat niet zomaar. Daarom heeft het kabinet in het werkprogramma ‘Schoon en Zuinig: Nieuwe energie voor het klimaat’ drie belangrijke doelstellingen geformuleerd.
Om de doelstellingen te halen, neemt de regering verschillende maatregelen. Door het gebruik van vervuilende auto’s duurder te maken hoopt de overheid bijvoorbeeld het gebruik van zuinigere auto’s te stimuleren. Daarnaast moedigt de overheid zuiniger rijden aan door rond de grote steden 80 km-zones in te stellen. Ook zal de belasting op benzine en elektriciteit omhoog gaan om ervoor te zorgen dat mensen hier op een betere manier mee omgaan. Tevens wordt het gebruik van duurzame energie financieel gestimuleerd door hiervoor subsidies te geven.
De overheid probeert de burgers ook op andere manieren te stimuleren energiebesparende maatregelen te nemen. Om kopers informatie te geven over hoe energiezuinig een bepaald product is, hebben sommige producten zoals apparaten, auto’s en zelfs huizen een ‘energielabel’.
6.4 Overige maatregelen
Naast de acties die de regering al heeft genomen om het klimaat te beschermen zijn er nog andere maatregelen die de schadelijke invloeden op het klimaat kunnen beperken:
6.5 Top 56 klimaatlanden
In de Climate Change Performance Index worden de klimaatprestaties van 56 verschillende landen vergeleken. Zweden presteert volgens deze index het beste en voert het meest effectieve klimaatbeleid. Saudi-Arabië kreeg de laatste plaats toebedeeld en Nederland is te vinden op de 30e plaats. Binnen de EU staat Nederland op de 19e plaats. Er valt dus nog veel te verbeteren

